Pas als onze reservekeeper bij Oranje zit, zet ik die eierdop weer af

Ik ben een Calimero. In mijn kast heb ik een reusachtige eierdop liggen die ik met regelmaat opzet. En eerlijk is eerlijk; dat hoofddeksel zit echt uitstekend. “Zij zijn groot, en ik is klein, en dat is niet eerlijk” was de befaamde uitspraak van het zwarte televisiekuiken uit de jaren ‘70. En ja, ik ga er goed op.

Het zal weinig mensen verrassen; ik haat Ajax. Met elke vezel in mijn lichaam verafschuw ik alles wat met de club uit Amsterdam te maken heeft. Ron, een van mijn beste vrienden, zegt wel eens dat de haat voor Ajax groter is dan de liefde voor Feyenoord. Onzin natuurlijk, maar op basis van mijn gedragingen snap ik hem wel. Elke mogelijkheid die ik zie om kwaad te spreken over 020, pak ik gewillig aan. Zelfs als mijn uitgangspositie kansloos is, ga ik als een heuse verzetsstrijder het gevecht aan. Dat alles om mijn eigen club groter te maken dan hij momenteel echt is.

Voorselectie

Op een of andere manier brengt het Nederlands Elftal het slechtste in me boven. Heel eerlijk, ik geef vrijwel niets om Oranje. Ja, de eindtoernooien zijn net iets leuker als Nederland meedoet, maar de teleurstelling van een uitschakeling op een EK, komt gevoelsmatig in de buurt van een laat tegendoelpunt bij een 4-0 voorsprong van Feyenoord. Zonde, maar niet heel veel meer dan dat.

Deze week maakte de assistent-trainer van Ajax bondscoach van Oranje zijn voorselectie bekend. Nog voordat ik aangekomen was bij de verdedigers, had ik mijn eierdop al weer op. Maarten fucking Stekelenburg!? Hoe dan? Die bejaarde speelde in bijna vier jaar tijd slechts veertien (!!!) potjes, waarvan acht in de laatste maand. Enkel en alleen omdat zijn concurrent plaspillen (yeah, sure!) van zijn vrouw in zijn mik stopte. Laat me niet lachen.

Nick Marsman

Om mijn ongenoegen te uiten, plaatste ik een berichtje hierover op Twitter. Al snel vroeg iemand om alternatieven. Ik noemde de namen Justin Bijlow, Sergio Padt en Nick Marsman. Je leest het goed. Nick Marsman. I really said it. Voor alleen het idee al dat ik publiekelijk de naam van Marsman noem in een discussie rond Oranje, zou ik opgenomen moeten worden. Enkele maanden geleden hield heel Rotterdam zijn hart vast toen we hoorden dat Bijlow er langere tijd uit zou liggen. Er was nul vertrouwen in de man die eerder nog mislukte bij Twente en Utrecht. Als we nog echt aanspraak wilden maken op prijzen, moest Feyenoord zo snel mogelijk een nieuwe doelman halen.

Frank Arnesen deed dat niet, en de rest is geschiedenis. Marsman speelde uitstekend, en was dikwijls de beste man aan de kant van de Rotterdammers. Ja, hij maakte ook wat foutjes, maar het feit dat er nu openlijk getwijfeld wordt of Bijlow wel een basisplaats verdient bij Feyenoord, geeft wel aan dat hij het uitstekend heeft gedaan.

Gestrekt been

Maar nee, rationeel gezien is Marsman niet goed genoeg voor het Nederlands Elftal. En toch voelt het als onrecht dat hij er niet bij zit. Puur vanwege de naam Stekelenburg. Had die vervangen door een willekeurige (oud)Feyenoord-keeper, en je had mij niet gehoord. Althans, over keepers. Want dan had ik eerlijkheidshalve net zo makkelijk een andere target kunnen uitkiezen. Babel, Van de Beek of Promes of zo. “Omdat je Ajax haat”, zou mijn vriend Ron zeggen. Neen. Ik hou van Feyenoord. En ik ben het kotsbeu om ‘dat kleintje’ te blijven. Uit clubliefde zal ik elke discussie met gestrekt been ingaan. Net zo lang tot ze in Zeist reservekeepers van Feyenoord gaan selecteren. Hup Feyenoord!

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *